Gepubliceerd op: 07 mei 2026
Deel

“Systeemtechniek is niet langer een luxe”

INCOSE NL werd in 1996 opgericht door 25 ingenieurs die van mening waren dat complexe systemen een eigen vakgebied nodig hadden. Dertig jaar en bijna 500 leden later maken technisch directeur Bart van Luling en voorzitter Bas Leijser de balans op — van wat SE is geworden, waar het nog tekortschiet en waarom de komende twee dagen in november wellicht belangrijker zijn dan welk evenement dan ook in de geschiedenis van de organisatie.

In november organiseert het High Tech Institute mede de Dutch Systems Engineering Days — tot nu toe het grootste SE-evenement in Nederland en het hoogtepunt van het 30-jarig jubileum van INCOSE NL. Om te begrijpen wat deze mijlpaal precies inhoudt, spraken we met technisch directeur Bart van Luling en voorzitter Bas Leijser over een reeks onderwerpen: de oorsprong van het vakgebied, de uitbreiding naar nieuwe sectoren, de eerlijke afrekening met AI en wat de Nederlandse industrie nog steeds consequent onderschat. Hun antwoorden worden hier integraal weergegeven.


Waarom SE een eigen organisatie nodig had

INCOSE NL ging in 1996 van start met 25 mensen in een land dat al een sterke ingenieurscultuur kende. Als we terugkijken, waarom was er dan een aparte organisatie nodig om systeemtechniek hier van de grond te krijgen?

Bas Leijser

Ik kan vooral voor het afgelopen decennium spreken, maar één ding is duidelijk, ongeacht wanneer je erbij bent gekomen: Systems Engineering ontstaat zelden op natuurlijke wijze, zelfs niet in sterke engineeringculturen.

SE vereist bewuste inzet en coördinatie, gebaseerd op gangbare werkwijzen en een gemeenschappelijke taal. Juist daarom is een organisatie als INCOSE NL van essentieel belang. Wij bieden die basis en fungeren bovendien als een neutraal platform dat het bedrijfsleven, de overheid en de academische wereld met elkaar verbindt.

Onze bijeenkomsten voor netwerkleden, workshops en nu ook de Nederlandse SE Days bevorderen kennisuitwisseling en netwerken. Ons INCOSE-handboek, het werk van onze Special Interest Groups en internationale werkgroepen, en onze certificeringen vormen samen de ruggengraat van de SE-praktijk en professionele erkenning, waardoor wordt gewaarborgd dat het vakgebied uitgroeit tot iets dat binnen de hele sector wordt gedeeld en in stand wordt gehouden.


De ontwikkeling van het vakgebied

Systeemtechniek is oorspronkelijk ontstaan in de defensie- en ruimtevaartsector, maar INCOSE NL heeft altijd ook leden aangetrokken uit de openbare infrastructuur, de procesindustrie en de hightechsector. Dertig jaar later — hoe zou u de plaats omschrijven die systeemtechniek vandaag de dag in Nederland inneemt?

Bart van Luling

SE heeft inmiddels een stevige basis in diverse sectoren. In de jaren 2000 werd SE op grote schaal geïmplementeerd in de Nederlandse infrastructuur- en civieltechnische sector en ontwikkelde het zich tot gestandaardiseerde werkwijzen voor de grote publieke werkgevers, zoals Rijkswaterstaat, ProRail, diverse provincies, gemeenten en waterschappen — en de grote aannemers en ingenieursbureaus. In de afgelopen jaren hebben binnen de energiesector meerdere organisaties, zoals TSO TenneT en DSO’s Alliander, Stedin en Enexis, SE geïmplementeerd in navolging van de trend in de infrastructuursector. Onlangs zijn de eerste stappen gezet binnen de gezondheidszorg en de stedelijke ontwikkeling. De SE-gemeenschap groeit aanzienlijk in diverse sectoren.

Bas Leijser

Systeemtechniek heeft zich in Nederland ver buiten zijn oorspronkelijke werkterrein van defensie en lucht- en ruimtevaart ontwikkeld. We zien nu een sterke opmars in sectoren als energie, infrastructuur en hightech, en breiden ons uit naar nieuwe terreinen zoals de gezondheidszorg. Dit wordt gedreven door het groeiende besef dat de complexiteit in alle sectoren toeneemt en dat systeemtechniek een sleutelrol speelt bij het beheersen daarvan.

Maar misschien is de interessantere ontwikkeling wel de manier waarop mensen zich met het vakgebied identificeren. Niet iedereen noemt zichzelf een systeemingenieur, maar steeds meer mensen zien zichzelf als systeemdenkers, integrators, systeemarchitecten, enzovoort. De grenzen van wie er „bij SE hoort“ worden steeds ruimer, en dat juichen we bij INCOSE NL toe. Het vakgebied vindt mensen net zo goed als mensen het vakgebied vinden.


De ledencurve — en wat daarachter zat

Het ledenaantal groeide van 25 bij de start tot 100 in 1999, 270 in 2005 en meer dan 350 in 2021 — en bedraagt nu meer dan 400. Zijn er momenten in die ontwikkeling die echt als keerpunten kunnen worden aangemerkt?

Bart van Luling

De groei in de periode tussen 1999 en 2005 hangt rechtstreeks samen met de introductie van SE in de civiele techniek. Sinds ik in 2023 als technisch directeur in dienst ben getreden, is onze strategie gericht op het aantrekken van jongere ingenieurs en het aanboren van nieuwe sectoren — en dat heeft zijn vruchten afgeworpen. De gemeenschap blijft groeien, zowel in omvang als in het aantal betrokken sectoren en met steeds meer jongere leden.

Bas Leijser

In maart 2026 hadden we meer dan 490 leden en we verwachten dit jaar de grens van 500 te overschrijden.

Wat de groei zelf betreft, is het eerlijke antwoord dat er niet één cruciaal moment is. Het is eerder een combinatie van keerpunten. Wat we zien, is een geleidelijke maar steeds sneller wordende verschuiving in de manier waarop organisaties SE zien. Vroeger was het bijna een nicheverschijnsel, maar nu zien we dat mensen uit een veel breder scala aan sectoren en functies zich hierbij aansluiten.

De onderliggende factoren zijn duidelijk: systemen worden steeds software-intensiever, steeds meer onderling verbonden en steeds complexer. AI voegt daar nog een extra laag van onzekerheid aan toe. Betere MBSE-tools hebben de drempel voor het toepassen van SE in de praktijk verlaagd, waardoor mensen worden aangetrokken die het voorheen misschien ontoegankelijk vonden. Het netto-effect is dat SE is verschoven van een ‘nice to have’ naar iets dat organisaties in toenemende mate als een vereiste beschouwen. Dat is ook wat de ledencurve weerspiegelt.

'SE has shifted from a 'nice to have' to something organisations increasingly treat as a prerequisite.'


AI en SE gaan hand in hand — inclusief wat niet werkt

Een van jullie recente evenementen voor leden stond in het teken van „AI meets Systems Engineering — wat werkt, wat niet werkt en wat er in het verschiet ligt”. Die invalshoek — erkennen wat niet werkt — is verfrissend eerlijk. Wat waren de echt teleurstellende eerste ervaringen?

Bart van Luling

Voor mij is er geen sprake van teleurstelling. De resultaten van het gebruik van AI voor systeemengineering zijn veelbelovend. Maar het draait allemaal om verwachtingen. Als mensen verwachten dat AI hun SE-taken zomaar overneemt, gaan ze met lege handen naar huis. Er is veel denkwerk, ervaring en creativiteit nodig bij het toepassen van systeemengineering voor complexe opdrachten. AI kan reproduceren wat eerder is gedaan en wat is gedocumenteerd, en eenvoudige taken veel sneller uitvoeren dan mensen. Maar het kan dat niet zonder duidelijke instructies en zonder dat iemand het denkwerk voor het doet — althans, nog niet. Gewoon een stapel SE-documenten uploaden en verwachten dat AI goed advies geeft, is een beetje kortzichtig. We moeten AI beschouwen als een razendsnelle stagiair met een fotografisch geheugen.

Bas Leijser

Bij de meeste teleurstellende ervaringen bleek het uiteindelijk een kwestie van geduld te zijn. Ik heb meer dan een dozijn gesprekken gevoerd waarin iemand zei: „AI kan X nog niet” — en zes tot twaalf maanden later was dat punt niet meer aan de orde.

Natuurlijk zijn er de te verwachten technische beperkingen, zoals hallucinaties of het feit dat AI moeite heeft met complexere taken.

Maar de grootste teleurstelling ligt aan de menselijke kant: het besef dat AI daadwerkelijk tot veel in staat is, en dat de echte uitdaging erin bestaat dat wij ons aanpassen. De teleurstelling zit hem niet in het falen van AI, maar juist in het succes ervan, en in het besef dat veel dingen waarvan we dachten dat alleen wij ze met onze expertise konden doen, uiteindelijk prima door AI kunnen worden uitgevoerd — met een beetje begeleiding. Door dat te accepteren en te leren ermee om te gaan, kan die teleurstelling omslaan in enthousiasme, maar dat is geen eenmalige verandering; het is een continu proces.

'The disappointment isn't in AI failing but in AI succeeding — and realizing that many things we thought only we could do turned out to be perfectly manageable by AI, with a little guidance.'


Van document naar model

Uw MBSE-speciale belangengroep is al jaren actief. Hoe ver is het Nederlandse bedrijfsleven eigenlijk al met het doorvoeren van die verandering in de praktijk, en waar ziet u nog de grootste belemmeringen?

Bart van Luling

Er is niet één antwoord op deze vraag — het verschilt sterk per sector. In de hightech- en automobielsector is MBSE goed ontwikkeld en op grote schaal toegepast. In de infrastructuur- en civiele techniek staat het nog in de kinderschoenen, maar er worden eerste stappen gezet, bijvoorbeeld in de Nederlandse nationale norm voor tunnelsystemen. In de energiesector vindt momenteel een grote transitie plaats van een documentgebaseerde werkwijze naar een datacentrische aanpak, maar ik heb persoonlijk nog geen echte MBSE-voorbeelden gezien. Ik ben wel van mening dat de Nederlandse industrie wat achterloopt op het gebied van MBSE-ontwikkelingen in vergelijking met andere landen.

Bas Leijser

De overgang van documentgebaseerd naar modelgebaseerd werken is niet zozeer een technische uitdaging, maar veeleer een uitdaging op het gebied van verandermanagement en menselijke factoren. Het vereist een fundamentele mentaliteitsverandering. Op INCOSE-evenementen horen we vaak dat we ons meer moeten verdiepen in de sociale wetenschappen, want dat is uiteindelijk wat de acceptatie stimuleert.

Wat betreft de mate van volwassenheid binnen het Nederlandse bedrijfsleven: die is ongelijk verdeeld. Sommige organisaties hebben MBSE volledig geïntegreerd en zijn al behoorlijk ver gevorderd. Andere zijn nog aan het zoeken naar de juiste aanpak — het kan inderdaad een proces van meerdere jaren zijn om van documentintensieve werkwijzen over te stappen naar het vastleggen van vereisten in een gestructureerde database.

Over de hele linie zijn de grootste belemmeringen niet de tools zelf, maar de grootschalige invoering ervan: het op één lijn brengen van belanghebbenden, het integreren van MBSE in bestaande processen en het vroeg genoeg zichtbaar maken van de meerwaarde om de overgang te ondersteunen.


De Nederlandse SE Days — wie zouden er aanwezig moeten zijn

De Nederlandse Systems Engineering Days in november beloven de grootste SE-bijeenkomst in Nederland sinds jaren te worden. Waar kijk je het meest naar uit — en wie zou er zeker bij moeten zijn?

Bart van Luling

Ik vind het vooral geweldig dat we verschillende sectoren bij elkaar brengen om van elkaars ervaringen op het gebied van SE te leren en er inspiratie uit te putten. We moeten kennis delen om SE in Nederland naar een hoger niveau te tillen. Ook vind ik het heel mooi dat we een studententraject hebben om onze jonge en beginnende professionals te stimuleren hun ideeën en onderzoek over systems engineering te delen. Mijn persoonlijke ambitie is om meer jonge professionals bij INCOSE te betrekken, zodat alle ervaren systeemingenieurs met grijs haar hun kennis kunnen overdragen aan de SE-gemeenschap van de toekomst — maar ook om nieuwe, frisse ideeën van onze jongere collega’s mee te nemen. We kunnen allemaal van elkaar leren.

Bas Leijser

Wat me het meest enthousiast maakt, is dat dit ons eerste tweedaagse evenement is. Die extra dag verandert de dynamiek. Het biedt niet alleen ruimte voor meer presentaties en workshops, maar ook voor meer informele ontmoetingen. We hebben bij internationale INCOSE-evenementen gezien dat juist daar vaak de meest waardevolle inzichten naar voren komen – of dat we gewoon plezier hebben, wat ook belangrijk is. INCOSE NL is tenslotte ook een gemeenschap.

Wat betreft de vraag wie er aanwezig zou moeten zijn: ik zeg vaak dat veel mensen al bezig zijn met systeemengineering, of de SE-principes volgen, zonder dat ze zichzelf als zodanig beschouwen. Dus bijna iedereen is welkom: ingenieurs, architecten, managers, beleidsmakers en iedereen die te maken heeft met onzekerheid, integratie of complexiteit. Of je nu werkzaam bent in de gezondheidszorg, infrastructuur, hightech, defensie of de financiële sector, je kunt hier iets aan hebben.


Waarom een ruimtevaartingenieur en een hoogleraar duurzaamheid samen op het podium staan

Tijdens het evenement zullen een ingenieur van een New Space-startup en een hoogleraar op het gebied van duurzaamheidstransities samen op hetzelfde podium een keynote geven. Wat is de reden voor die combinatie — en wat hoop je dat er daadwerkelijk in de zaal gebeurt?

Bas Leijser

Duurzaamheid en ruimteverkenning vullen elkaar beter aan dan op het eerste gezicht lijkt. Ruimteverkenning heeft geleid tot technologieën waarop we nu vertrouwen voor duurzaamheid — zonnepanelen zijn daar een voorbeeld van, zowel wat betreft schaal als efficiëntie.

De combinatie van AI en duurzaamheid is een ander voorbeeld. We weten dat de energie- en watervoetafdruk van datacenters aanzienlijk is, maar AI biedt ook enorme mogelijkheden om duurzaamheidsuitdagingen aan te pakken. Die spanning is het waard om nader te onderzoeken.

Fundamenteel gezien is SE niet sectorspecifiek, en een van de dingen die ik het meest waardeer aan INCOSE is dat het een brug slaat tussen sectoren en ervoor zorgt dat ze van elkaar kunnen leren. De defensiesector kan leren van de manier waarop de gezondheidszorg systems engineering benadert, en omgekeerd. In alle sectoren spelen dezelfde kernuitdagingen. Wat we nastreven, is dat mensen buiten hun eigen domein treden en geïnspireerd raken, of anderen inspireren.

Bart van Luling

Duurzaamheid is een van onze grootste maatschappelijke uitdagingen. Het is de visie van INCOSE om SE toe te passen bij het oplossen van onze maatschappelijke uitdagingen — niet alleen de technische. De keynote van Jan Rotmans zal vanuit het perspectief van systems engineering zeer interessant zijn om te volgen. De keynote van Jon Reijneveld zal laten zien hoe The Exploration Company SE heeft toegepast op de groei van hun eigen bedrijf — een ander perspectief op systeemengineering dat verder gaat dan de gebruikelijke technische benadering. Beide keynotes zullen verfrissend zijn en ook tot nadenken stemmen over onze dagelijkse uitdagingen. Ik kijk er echt naar uit en ben benieuwd naar de reacties van het publiek.

“Wat we nastreven, is dat mensen buiten hun eigen vakgebied treden en inspiratie opdoen, of anderen inspireren.”
— Bas Leijser


De komende 30 jaar — waar het de Nederlandse industrie nog steeds niet in lukt

Nederland staat voor enkele van de meest complexe systeemuitdagingen ter wereld: waterbeheer, energietransitie, toeleveringsketens voor halfgeleiders en modernisering van de defensie. Wat is het allerbelangrijkste aspect dat het Nederlandse bedrijfsleven en de overheid nog steeds consequent onderschatten?

Bart van Luling

Het gaat er eigenlijk om dat we systeemdenken toepassen op onze grote maatschappelijke uitdagingen. We benaderen ze nog steeds als afzonderlijke, beheersbare opdrachten — maar dat zijn ze niet. Alles hangt met elkaar samen en de wereld wordt steeds complexer. Systeemdenken zal in de toekomst een onmisbare vaardigheid zijn om überhaupt iets voor elkaar te krijgen.

Bas Leijser

Deze fundamentele onderschatting is tweeledig. Ten eerste onderschatten we hoe weinig uniek onze problemen zijn. Er bestaat een hardnekkige neiging om complexe systemen als volstrekt uniek te beschouwen, wat leidt tot buitensporige maatwerkoplossingen en het steeds opnieuw uitvinden van de wiel. In werkelijkheid kunnen we vaak veel meer gebruikmaken van bestaande referentiearchitecturen en beproefde methoden dan we nu doen.

Ten tweede onderschatten we de waarde van cruciale activiteiten in de vroege fasen en investeren we daar chronisch te weinig in — met name in validatie, simulatie en modularisatie. Validatie wordt vaak samen met verificatie onder de noemer „V&V” geschaard, maar in de praktijk wordt alleen de verificatie uitgevoerd. Modularisatie is essentieel om complexiteit te beheersen door een systeem op te splitsen in beheersbare onderdelen. En wat simulatie betreft: tijdens het laatste INCOSE International Symposium vroeg zelfs een astronaut zich hardop af waarom er bij niet-ruimtevaartprojecten niet meer wordt gesimuleerd, vergeleken met hoe grondig er vóór elke missie wordt gesimuleerd. Ze hebben een punt.

'Everything is connected and the world is getting more complex. Systems thinking will be an indispensable competence to get anything done in the future.'


Over de Nederlandse Systems Engineering Days 2026

Op 12 en 13 november 2026 organiseert INCOSE NL de Nederlandse Systems Engineering Days in Van der Valk Eindhoven-Best. Dit tweedaagse evenement markeert het 30-jarig jubileum van INCOSE NL en is de grootste bijeenkomst op het gebied van systems engineering die Nederland ooit heeft gekend.

Op het programma staan keynote-lezingen door Jon Reijneveld (The Exploration Company) en Jan Rotmans (hoogleraar Duurzaamheid en Transities), naast sectortracks over hightech, defensie, energie, infrastructuur, AI & systeemtechniek, duurzaamheid, basisprincipes van systeemtechniek en een speciaal studentenprogramma.

Je kunt nog steeds bijdragen indienen. Je kunt je bijdrage via EasyChair indienen.

High Tech Institute en INCOSE NL

Het High Tech Institute is een trotse partner van INCOSE NL. Veel van onze opleidingen op het gebied van systeemtechniek zijn INCOSE-gecertificeerd, wat betekent dat deelnemers internationaal erkende INCOSE-studiepunten kunnen behalen als onderdeel van hun professionele ontwikkeling.

Ontdek onze cursussen op het gebied van systeemtechniek →